로그인

시편 56편 Dutch Staten Vertaling

Dutch Staten Vertaling · 네덜란드어 · 시편 (Psalms) · 13절 · 대역: King James Version

절Dutch Staten VertalingKing James Version
1 Een gouden kleinood van David, voor den opperzangmeester, op Jonath Elem Rechokim; als de Filistijnen hem gegrepen hadden te Gath. Be merciful unto me, O God: for man would swallow me up; he fighting daily oppresseth me.
2 Wees mij genadig, o God! want de mens zoekt mij op te slokken; den gansen dag dringt mij de bestrijder. Mine enemies would daily swallow me up: for they be many that fight against me, O thou most High.
3 Mijn verspieders zoeken mij den gansen dag op te slokken; want ik heb veel bestrijders, o Allerhoogste! What time I am afraid, I will trust in thee.
4 Ten dage, als ik zal vrezen, zal ik op U vertrouwen. In God I will praise his word, in God I have put my trust; I will not fear what flesh can do unto me.
5 In God zal ik Zijn woord prijzen; ik vertrouw op God, ik zal niet vrezen; wat zoude mij vlees doen? Every day they wrest my words: all their thoughts are against me for evil.
6 Den gansen dag verdraaien zij mijn woorden; al hun gedachten zijn tegen mij ten kwade. They gather themselves together, they hide themselves, they mark my steps, when they wait for my soul.
7 Zij rotten samen, zij versteken zich, zij passen op mijn hielen; als die op mijn ziel wachten. Shall they escape by iniquity? in thine anger cast down the people, O God.
8 Zouden zij om hun ongerechtigheid vrijgaan? Stort de volken neder in toorn, o God! Thou tellest my wanderings: put thou my tears into thy bottle: are they not in thy book?
9 Gij hebt mijn omzwerven geteld; leg mijn tranen in uw fles; zijn zij niet in Uw register? When I cry unto thee, then shall mine enemies turn back: this I know; for God is for me.
10 Dan zullen mijn vijanden achterwaarts keren, ten dage als ik roepen zal; dit weet ik, dat God met mij is. In God will I praise his word: in the Lord will I praise his word.
11 In God zal ik het woord prijzen; in den HEERE zal ik het woord prijzen. In God have I put my trust: I will not be afraid what man can do unto me.
12 Ik vertrouw op God, ik zal niet vrezen; wat zou mij de mens doen? Thy vows are upon me, O God: I will render praises unto thee.
13 O God! op mij zijn Uw geloften; ik zal U dankzeggingen vergelden; Want Gij hebt mijn ziel gered van den dood; ook niet mijn voeten van aanstoot, om voor Gods aangezicht te wandelen in het licht der levenden? For thou hast delivered my soul from death: wilt not thou deliver my feet from falling, that I may walk before God in the light of the living?

Dutch Staten Vertaling — getbible.net(CrossWire SWORD 모듈)에서 가져옴 · 라이선스: 공개 도메인 (Public Domain) · 출처 ↗
King James Version — getbible.net(CrossWire SWORD 모듈)에서 가져옴 · 라이선스: GPL