욥기 15장 Petrus Canisius Translation
Petrus Canisius Translation · 네덜란드어 · 욥기 (Job) · 35절
- 1 Elifaz van Teman nam het woord en sprak:
- 2 Antwoordt een wijze met bluf, En blaast hij zich op met oostenwind;
- 3 Verdedigt hij zich met beuzelpraat En met holle frasen?
- 4 Gij breekt zowaar de godsvrucht af, En verstoort de overpeinzing voor het aanschijn van God.
- 5 Daar uw schuldig geweten uw mond onderricht, En gij de taal van bedriegers kiest,
- 6 Is het uw eigen mond, die u vonnist: niet ik, Zijn het uw eigen lippen, die tegen u getuigen.
- 7 Zijt gij als eerste der mensen geboren, Nog vóór de heuvelen ter wereld gebracht;
- 8 Luistert ge toe in de raad van God, En hebt ge beslag op de Wijsheid gelegd?
- 9 Wat weet gij, wat wij niet weten, Wat begrijpt gij, wat wij niet verstaan?
- 10 Ook onder ons zijn bejaarden en grijsaards, Ouder van dagen nog dan uw vader!
- 11 Zijn soms voor ú de vertroostingen Gods te gering, Het woord, met zachtheid tot u gesproken?
- 12 Hoe sleept uw hartstocht u mee, En hoe rollen uw ogen:
- 13 Dat ge uw wrevel tegen God durft keren, En zulke woorden aan uw mond laat ontglippen!
- 14 Wat is een mens, dat hij rein zou zijn, Rechtschapen, die uit een vrouw is geboren?
- 15 Zie, zelfs op zijn Heiligen kan Hij niet bouwen, En de hemel is niet rein in zijn oog;
- 16 Hoeveel minder de mens, afschuwelijk, bedorven, Die de ongerechtigheid als water drinkt!
- 17 Ik zal het u tonen, luister naar mij; Wat ik gezien heb, u gaan vertellen.
- 18 Het is hetzelfde, wat de wijzen verkonden, En wat hun vaderen hun niet hadden verborgen,
- 19 Aan wie alleen het land was geschonken, En bij wie nog geen vreemde was binnengedrongen
- 20 De goddeloze verkeert heel zijn leven in angst, De tyran al de jaren, die voor hem zijn bedongen;
- 21 Schrikgeluiden treffen zijn oren, In volle vrede stormt de plunderaar op hem af.
- 22 Hij hoopt niet eens, aan de duisternis te ontsnappen, En is bestemd voor het zwaard;
- 23 Hij wordt als een aas voor de gieren geworpen, En weet, dat sombere dagen hem wachten.
- 24 Benauwdheid en angst grijpt hem aan, Als een koning ten aanval gereed:
- 25 Want hij heeft zijn hand tegen God opgeheven, Den Almachtige durven trotseren;
- 26 Is met trotse nek op Hem afgestormd, Met zijn zwaar beslagen rondas!
- 27 Omdat hij zijn gelaat met vet heeft bedekt, En een vetlaag gelegd op zijn lenden:
- 28 Daarom vestigt hij zich in verwoeste steden, In onbewoonbare huizen, die tot puin zijn vervallen;
- 29 Hij blijft niet rijk, En zijn vermogen houdt geen stand;
- 30 Zijn schaduw breidt zich niet uit op de grond, En hij ontsnapt de duisternis niet; Het vuur zal zijn loten verschroeien, De wind zijn bloesem verwaaien!
- 31 Laat hem niet op zijn gestalte vertrouwen, Hij komt bedrogen uit, ze is enkel schijn.
- 32 Zijn ranken verdorren vóór de tijd, En zijn twijgen groenen niet meer;
- 33 Hij is als de wijnstok, die zijn druiven laat vallen, En als de olijf, die zijn bloesem verliest!
- 34 Ja, de bent der goddelozen is onvruchtbaar, En het vuur verteert de tenten der omkoperij;
- 35 Ze gaan zwanger van ellende, en baren onheil, Hun schoot draagt ontgoocheling!
- 📚 Petrus Canisius Translation 책 목록
- 개역개정판 (1998)로
- 개역한글판 (1961)로
- 표준새번역 (1993)로
- King James Version로
- KJV 와 나란히
- 🌐 다른 언어·판
Petrus Canisius Translation — getbible.net(CrossWire SWORD 모듈)에서 가져옴 · 라이선스: 공개 도메인 (Public Domain) · 출처 ↗