시편 108편 Petrus Canisius Translation
Petrus Canisius Translation · 네덜란드어 · 시편 (Psalms) · 31절 · 대역: King James Version
| 절 | Petrus Canisius Translation | King James Version |
|---|---|---|
| 1 | Voor muziekbegeleiding. Een psalm van David. Mijn God, tot wien mijn loflied klinkt, Zwijg toch niet stil! | O God, my heart is fixed; I will sing and give praise, even with my glory. |
| 2 | Want men zet een mond vol boosheid en bedrog tegen mij op, En belastert mij met leugentongen; | Awake, psaltery and harp: I myself will awake early. |
| 3 | Men bestookt mij met woorden van haat, En bestrijdt mij zonder enige grond; | I will praise thee, O Lord, among the people: and I will sing praises unto thee among the nations. |
| 4 | Men belaagt mij tot loon voor mijn liefde, En tot loon voor mijn bidden; | For thy mercy is great above the heavens: and thy truth reacheth unto the clouds. |
| 5 | Men vergeldt mij kwaad voor goed, En haat voor mijn liefde. | Be thou exalted, O God, above the heavens: and thy glory above all the earth; |
| 6 | Stel een gewetenloos rechter over hem aan, En aan zijn rechterhand trede een valse aanklager op; | That thy beloved may be delivered: save with thy right hand, and answer me. |
| 7 | Voor het gerecht worde hij schuldig bevonden, En smeke hij tevergeefs om genade. | God hath spoken in his holiness; I will rejoice, I will divide Shechem, and mete out the valley of Succoth. |
| 8 | Mogen zijn dagen maar kort zijn, En zijn ambt aan een ander vervallen. | Gilead is mine; Manasseh is mine; Ephraim also is the strength of mine head; Judah is my lawgiver; |
| 9 | Zijn kinderen mogen wezen, Zijn vrouw een weduwe worden; | Moab is my washpot; over Edom will I cast out my shoe; over Philistia will I triumph. |
| 10 | Mogen zijn zonen als bedelaars zwerven, Zelfs uit hun krotten worden verjaagd. | Who will bring me into the strong city? who will lead me into Edom? |
| 11 | De woekeraar legge beslag op heel zijn bezit, En vreemden mogen met zijn verdiensten gaan strijken. | Wilt not thou, O God, who hast cast us off? and wilt not thou, O God, go forth with our hosts? |
| 12 | Laat niemand zich zijner ontfermen, Niemand zich over zijn wezen erbarmen; | Give us help from trouble: for vain is the help of man. |
| 13 | Laat zijn kroost ten ondergang worden gedoemd, Zijn naam al verdwijnen in het eerste geslacht. | Through God we shall do valiantly: for he it is that shall tread down our enemies. |
| 14 | Moge Jahweh de misdaad zijner vaderen gedenken, En de schuld van zijn moeder nooit worden gedelgd; | — |
| 15 | Jahweh houde ze altijd voor ogen, Zodat zelfs hun aandenken van de aarde verdwijnt. | — |
| 16 | Want hij dacht er niet aan, barmhartig te zijn, Maar vervolgde den ellendige, arme en bedroefde ten dode. | — |
| 17 | Hij hield van vervloeking: die treffe hem dan; Geen zegen wilde hij spreken: die blijve hem verre! | — |
| 18 | De vloek trok hij aan als een kleed: Die dringe hem als water in het lijf, als olie in zijn gebeente; | — |
| 19 | Die worde de mantel, waarin hij zich hult, De gordel, die hij altijd moet dragen. | — |
| 20 | Zó moge Jahweh mijn haters vergelden, En die laag van mij lasteren! | — |
| 21 | Maar treed Gìj voor mij op, o Jahweh, mijn Heer, En red mij omwille van uw Naam naar de rijkdom uwer genade! | — |
| 22 | Want ik ben arm en ellendig, En mijn hart krimpt ineen in mijn borst; | — |
| 23 | Ik zink weg als een verdwijnende schaduw, Word voortgejaagd als een sprinkhanenzwerm; | — |
| 24 | Van het vasten knikken mijn knieën, En mijn vermagerd lichaam schrompelt ineen. | — |
| 25 | Zó ben ik hun een bespotting geworden; Die mij zien, schudden meewarig het hoofd. | — |
| 26 | Help mij, Jahweh, mijn God, En red mij naar uw genade; | — |
| 27 | Opdat men erkenne, dat het uw hand is, Jahweh: dat Gij het volbracht! | — |
| 28 | Laat hèn dan maar vloeken, als Gìj mij wilt zegenen; Mijn vijand zich schamen, maar uw knecht zich verheugen; | — |
| 29 | Mogen mijn tegenstanders met smaad worden bekleed, En zich in hun schande hullen als in een mantel! | — |
| 30 | Dan zal ik Jahweh juichend danken, En voor een talloze schare Hem prijzen; | — |
| 31 | Omdat Hij aan de rechterhand van den ongelukkige staat, Om hem te redden, van die hem verdoemen! | — |
- 📚 Petrus Canisius Translation 책 목록
- 개역개정판 (1998)로
- 개역한글판 (1961)로
- 표준새번역 (1993)로
- King James Version로
- 🌐 다른 언어·판
Petrus Canisius Translation — getbible.net(CrossWire SWORD 모듈)에서 가져옴 · 라이선스: 공개 도메인 (Public Domain) · 출처 ↗
King James Version — getbible.net(CrossWire SWORD 모듈)에서 가져옴 · 라이선스: GPL