여호수아 21장 Petrus Canisius Translation
Petrus Canisius Translation · 네덜란드어 · 여호수아 (Joshua) · 43절
- 1 Nu verschenen de familiehoofden der Levieten bij den priester Elazar, bij Josuë, den zoon van Noen, en bij de familiehoofden van de israëlietische stammen te Sjilo in het land Kanaän,
- 2 en spraken tot hen: Jahweh heeft door Moses bevolen, ons steden te geven, om er te wonen, met bijbehorende weidegrond voor ons vee.
- 3 Daarom gaven de Israëlieten naar Jahweh’s bevel de volgende steden met haar weidegronden aan de Levieten.
- 4 Het lot viel het eerst voor de families der Kehatieten. De zonen van Aäron, den levietischen priester, kregen door loting dertien steden uit de stammen Juda, Simeon en Benjamin,
- 5 terwijl de overige families der Kehatieten door het lot tien steden ontvingen uit de stammen Efraïm, Dan en de halve stam van Manasse.
- 6 De Gersjonieten kregen door het lot dertien steden uit de stammen Issakar, Aser, Neftali en de halve stam van Manasse in Basjan.
- 7 De families der Merarieten kregen twaalf steden uit de stammen Ruben, Gad en Zabulon.
- 8 Dit zijn de steden met haar weidegronden, welke de Israëlieten door het lot aan de Levieten afstonden, zoals Jahweh het door Moses bevolen had.
- 9 Uit de stammen van de Judeërs en Simeonieten gaven ze de volgende, met name genoemde steden:
- 10 Aan de Aäronieten, een van de geslachten der Kehatieten, die tot de Levieten behoorden,
- 11 en voor wie het eerste lot was gevallen, gaven ze: Kirjat-Arba of Hebron (deze Arba is de vader van Anak) in het judese bergland met zijn omliggende weidegronden.
- 12 Het akkerland van die stad en haar dorpen hadden ze reeds aan Kaleb, den zoon van Jefoenne. in eigendom gegeven;
- 13 aan de zonen van den priester Aäron gaven ze dus Hebron, de vrijstad voor den moordenaar, met haar weidegronden. Daarenboven Libna,
- 14 Jattir, Esjtemóa,
- 15 Cholon, Debir,
- 16 Ain, Joetta, Bet-Sjémesj; te zamen negen steden uit deze beide stammen, allen met bijbehorende weidegronden.
- 17 Uit de stam Benjamin: Gibon, Géba,
- 18 Anatot, Almon, elk met zijn weidegronden; vier steden.
- 19 In het geheel dus dertien steden met haar bijbehorende weidegronden voor de aäronietische priesters.
- 20 Ook de overige levietische families der Kehatieten, de overige zonen van Kehat, kregen de hun door het lot toegewezen steden. Uit de stam Efraïm
- 21 gaf men hun Sikem, de vrijstad voor den moordenaar, in het bergland van Efraïm, met Gézer,
- 22 Kibsáim en Bet-Choron met bijbehorende weidegronden; vier steden.
- 23 Uit de stam Dan: Elteke, Gibton,
- 24 Ajjalon en Gat-Rimmon met hun weidegronden; vier steden.
- 25 Uit de halve stam van Manasse: Taänak en Jibleam met hun weidegronden; twee steden.
- 26 In het geheel dus tien steden met haar weidegronden voor de families van de overige Kehatieten.
- 27 De Gersjonieten, een ander geslacht der Levieten, kregen uit de halve stam van Manasse: Golan, de vrijstad voor den moordenaar in Basjan, met Beësjtera en hun weidegronden; twee steden.
- 28 Uit de stam Issakar: Kisjon, Daberat,
- 29 Jarmoet en En-Gannim, elk met zijn weidegronden; vier steden.
- 30 Uit de stam Aser: Misjal, Abdon,
- 31 Chelkat en Rechob met hun weidegronden; vier steden.
- 32 Uit de stam Neftali: Kédesj, de vrijstad voor den moordenaar in Galilea, met Chammot-Dor en Kartan en hun bijbehorende weidegronden; drie steden.
- 33 In het geheel dus dertien steden, met haar bijbehorende weidegronden voor de families der Gersjonieten.
- 34 De families der Merarieten, de overige Levieten, kregen uit de stam Zabulon: Jokneam, Karta,
- 35 Dimna en Nahalal, met bijbehorende weidegronden; vier steden.
- 36 Uit de stam Ruben: Béser, Jáhas, Kedemot en Mefáat, met hun weidegronden; vier steden.
- 37 Uit de stam Gad: Ramot, de vrijstad voor den moordenaar in Gilad, met Machanáim, Chesjbon en Jazer, met hun weidegronden; vier steden.
- 38 In het geheel dus twaalf steden volgens lot voor de overblijvende levietische families der Merarieten.
- 39 Alles tezamen waren er dus te midden van de bezittingen der Israëlieten acht en veertig Levieten-steden met bijbehorende weidegronden.
- 40 Die steden bestonden telkens uit een stad met weidegrond er om heen; dit geldt voor al die steden.
- 41 Zo gaf Jahweh aan Israël het gehele land, dat Hij hun vaderen gezworen had te zullen geven. Zij namen het in bezit, en gingen er wonen.
- 42 En Jahweh gaf hun naar alle kanten rust, juist zoals Hij het hun vaderen onder ede beloofd had. Geen van hun vijanden kon voor hen stand houden; want Jahweh leverde hun al hun vijanden uit.
- 43 Niet één van alle beloften, die Jahweh het huis van Israël had gedaan, bleef onvervuld; allen werden zij ingelost.
- 📚 Petrus Canisius Translation 책 목록
- 개역개정판 (1998)로
- 개역한글판 (1961)로
- 표준새번역 (1993)로
- King James Version로
- KJV 와 나란히
- 🌐 다른 언어·판
Petrus Canisius Translation — getbible.net(CrossWire SWORD 모듈)에서 가져옴 · 라이선스: 공개 도메인 (Public Domain) · 출처 ↗